Nocturne

Leiden, vrijdag 24 juni 2016

Het vertrouwde geluid van hoge hakken doet me opkijken van het oculair. Een sierlijke gestalte verschijnt uit het donker. “Hé, ben je nog wakker?”

Verdraaid, het is alweer kwart voor twee. Heb ik me toch weer uitstekend vermaakt, deze vlak-na-midzomernacht. Met een stel dubbelsterren nota bene. Eigenlijk best leuk, zeker als je alweer drie weken droog hebt gestaan. En die planeten mogen er ook wezen vanavond. Nou ja, de seeing is niet geweldig, maar vooral Saturnus komt toch mooi uit de verf.
Maar laten we bij het begin beginnen, hoewel ik nu dus al met het eind ben begonnen. In mijn map zit al een jaar een waarneemlijst met dubbelsterren rondom Bootes, uit Turn Left at Orion. Nooit aan toegekomen, dus dit is een uitgelezen avond om die eens onder het oculair te nemen. De jongens liggen op bed, mijn betere helft is naar de bruiloft van een collega en de hemel is eindelijk weer helder. Alsof je na een wedstrijd honderd meter figuurzagen onder water eindelijk weer even mag ademhalen.

En dat doe ik dan ook. Even diep ademhalen. Mars staat laag, dus ik zet de Dob hoog, om over de schutting te kijken. Hatsekidaisy, met volgplatform en al op de banken van de picknicktafel. De chef is zo te zien nog druk bezig met de bereiding van dit bord pomodorisoep want de damp slaat eraf. Minder goed zichtbaar dan de vorige keer in Breezanddijk, kan de matige seeing toch niet verhinderen dat er een duidelijke donkere rand zichtbaar is aan de zuidwestkant van de planeet, terwijl op het midden van de schijf wat lichtere structuren te zien zijn. Jupiter staat nog hoger, dus voor die planeet zijn minder draconische maatregelen nodig voor wat betreft de dobstelling. Maar ook de bandenkoning wappert dat het een lieve lust is, dus daar blijf ik niet te lang bij stilstaan. Saturnus komt nog maar net om de hoek kijken dus die bewaar ik voor later.

Mooi. Bootes. In de opgeheven hand van de Ossenhoeder zit een driehoek van sterren die luisteren naam de namen θ, ι en κ Bootis, ook wel bekend als respectievelijk Asellus Primus, Asellus Secundus en Asellus Tertius. Het zouden zomaar opeenvolgende Romeinse keizers kunnen zijn, ware het niet dat “Asellus” ezelsveulen betekent. Die laatste twee zijn mooie dubbelsterren, waarbij ι ook nog eens een pulserende variabele is. Beide dubbelsterren lossen bij lage vergroting mooi op en passen dan ook nog eens gezellig in één beeldveld. Zo ongeveer als dit.

IotaKappaBoo

Vlak in de buurt zit een dubbelster die in mijn beide atlassen anoniem door het leven gaat. Gelukkig beschikt Stellarium over iets meer parate kennis; de software weet maar liefst drie nummers te melden. Tenslotte lust DeepskyLog het HD-nummer (HD 126531) en tovert de naam STF oftewel ∑ oftewel Struve 1843 tevoorschijn. Deze dubbelster heeft iets meer poke nodig om te scheiden, maar 125x is ruim voldoende.

STF1843

Eveneens via de Stellarium-DeepskyLog-route vind ik uit dat mijn volgende doelwit van meneer Struve het nummer 1834 heeft gekregen. Die staat wel in de PSA, maar op de pagina waar ik kijk is niet duidelijk bij welke ster de naam nu hoort. Later blijkt dat op een andere, overlappende pagina wel duidelijk te zijn aangegeven. Dit exemplaar is niet vies van een pittig bakkie vergroting dus ik schroef mijn 1.3x Barlow in de Ortho. Bij 163x staat het duo mooi boven op elkaar; ze zijn mooi helder en doen niet voor elkaar onder.

STF1834
Een pak bewolking dringt zich even op vanuit het zuidwesten en even lijkt mijn avond abrupt te worden afgebroken. Gelukkig zet de bewolking niet door en trekt zich zelfs terug. Na een korte bedekking is Bootes weer vrij.
Helemaal aan de andere kant van Bootes, aan de voet van de je-weet-wel-stier-oppasser is het nummer Σ1835 in de PSA wel eenduidig aangegeven. Ook dit tweetal is niet vies van een wat sterker glas, maar in tegenstelling tot hun voorganger in de reeks huldigen ze het gelijkheidsprincipe niet. Laurel en Hardy worden vergezeld door twee in magnitude afnemende buursterren.

STF1835

Als laatste mik ik de kijker op σ Coronae Borealis, die genoegen neemt met 125x. Een helder tweetal, met een “staart” van buursterren.

SigmaCrB

Dan… Saturnus. Mijn favoriet, maar ik verwacht er niet veel van, met deze seeing. In plaats van de Dob weer op de banken te zetten verplaats ik hem naar het pad vlak voor de ingang van onze tuin, en neem daarmee het risico op nieuwsgierige voorbijgangers voor lief. Dat valt mee op dit tijdstip, en al wappert de ring als een rubberen hoelahoep, de Cassinischeiding liegt er niet om. Een ook is er duidelijk een equatoriale band te zien op de planeetschijf. Schitterend, mijn lievelingsplaneet trekt zich lekker helemaal niets aan van seeing. Behalve de planeet zelf zijn er vier manen te zien. Tethys, Dione en Rhea vormen een driehoek boven (ten zuiden van) het ringjuweel, terwijl Titan iets verder naar buiten staat. Verderop staan nog twee veldsterren, waarbij één helderder dan Titan. Bij de schets gaat het om de manen; de planeetkrabbel dient alleen om de positie aan te geven.

SaturnAndMoons

Nou goed dan, toch nog even wat deep sky. M13 verrast me aangenaam, die staat er toch best mooi bij. Een flinke vergroting maakt de stadshemel toch redelijk donker en ik geniet van de speldenprikken. Buurgalaxy NGC6207 sla ik wijselijk over maar nabijgelegen M92 mag er toch ook wezen. Subtieler, maar ook hier best veel opgeloste twinkels.
Lager in Hercules pak ik nog de vurige dubbelster Rasalgethi mee, waarna ik de Ophiuchiaanse grens oversteek om IC “Hi” 4665 nog eens onder de loupe te nemen. Vlak bij dit stelsel staat het asterisme Patchick 50, een tip van Skyscanner. Een aardig asterisme, enigszins in de vorm van een parachute.
Nog nagenietend van al het moois word ik geleidelijk het herkenbare ritme van hoge hakken gewaar. Ik kijk op van mijn oculair. Een sierlijke gestalte verschijnt uit het donker. “Hé, ben je nog wakker?”

 

Lucky shot

Knardijk, zaterdag 25 juni 2016

Dilemma’s. Ik ben er nooit goed in geweest. Wat is wijsheid? Die vraag zal me altijd wel bezig houden. Beslissingen nemen op basis van een gebrek aan informatie, ga er maar aan staan.
Gelukkig ben ik geen directeur, premier of president en sterft er niemand als ik al dan niet naar een star party ga. En gelukkig hebben we janbstar die me over de streep trekt en ArnoM en cloudbuster die even meeduwen.
De keuze valt op de Knardijk omdat de weersites voor het noorden geen gunstig beeld laten zien. In Leiden is het helder maar in het noordoosten in inderdaad nog een flink wolkenfront te zien. Onderweg blijkt dit toch vrij hardnekkig. Het lijkt erop dat we precies in het goede gat zijn gesprongen, zowel qua plaats als qua timing. Als het dak niet open kan dan kijken we maar door het raam.

Ter plekke is Jan al gearriveerd en volgen ArnoM en cloudbuster al snel. Die laatste doet zijn naam eer aan want hoe later op de avond, hoe schoner de wolk. Uiteindelijk is het gewoon helder. De seeing is helemaal niets dus over de planeten ben ik kort. Bij Jupiter valt nog net Callisto te zien tegen de planeetschijf aan, klaar om erachter te verdwijnen. Mars is een kokende pan soep en zelfs Saturnus vindt het niet leuk meer. Maar met de mooie beelden van gisteren nog vers in het geheugen maak ik me daar niet druk om. Tenslotte ben ik hier voor deep sky.

Het gras staat bijna kniehoog en de grond is drassig. En niet alleen de grond, want de Dob staat nog niet in zijn rockerbox of het vocht druipt er al vanaf. Hmmm. Eerst koffie, want het is nog veel te licht voor fatsoenlijk deepskyplezier. Tenslotte is het nog maar vier dagen na de zonnewende. Zo gauw het wat donkerder is mik ik op het grensgebied van Hercules en Serpens, waar IC “White Eyed Pea” 4593 te vinden is. Vorige keren heb ik deze planetaire nevel over het hoofd gezien omdat deze in de PSA verdekt opgesteld staat tussen twee pagina’s. Deze keer zal ik hem hebben. En dat lukt, ook al moet ik er een pittig glas op heffen om hem van een ster te onderscheiden. Met de 10 mm Ortho in de 2.25x Barlow komt de witogige erwt 280 keer dichterbij. Even spelen met filters laat met veel moeite een soort halo zien om de heldere kern. Zonder filter vertoont de nevel een licht blinking-effect: bij perifeer kijken daaristie, direct kijken, foetsie.

IC4593

Op naar Ophiuchus, waar nog wat smakelijke boulettes te vinden zijn die ik in Breezanddijk niet meer op kon. Zoals daar zijn NGC6342. Onderweg kom ik M9 en NGC6356 tegen. Tjonge, wat zijn die dingen helder. Dag nachtzicht. Dan is 6342 een stuk subtieler, op 156x is een spookachtige gloed te zien in een beeldveld dat rijk gevuld is met veldsterren. Een fraai geheel zo.

NGC6342

Ondertussen begint de dauw zijn tol te eisen. Buurman cloudbuster kampt met een beslagen hoofdspiegel van zijn Sumerian. De föhn biedt een minuut soelaas, dan is het alsnog over en uit. Ook de anderen en ik hebben er last van in de vorm van beslagen oculairs, vooral die van de zoeker. Jan en ik jagen er heel wat papieren zakdoeken doorheen om de tranen van het zoekerglas te wissen, maar het is onbegonnen werk.
Mijn pogingen om bolhopen NGC6325 en NGC6235 te zien, stranden dan ook. Het lokaliseren lukt nog wel, maar de objecten laten zich niet zien. Beslagen oculairs helpen daar niet bij, evenals de maan die nu begint te storen. De hemel is nu ook gewoon te licht.
We besluiten er een punt achter te zetten. De avond was kort, en de buit bescheiden. Maar toch hebben we genoten en lol gehad. Gegokt en gewonnen.

Dilemma’s, ik zal er nooit aan wennen. Neem geen onnodige risico’s; bij twijfel niet doen. Dat heb ik wel geleerd. Behalve bij astronomie.