Leiden, vrijdagavond 29 maart 2019

De dag is zonnig en de avond is helder. Vanwege de nachtdienst van mijn significant other kan ik helaas niet mee naar Breezanddijk en moet ik in de stad blijven. Maar niet getreurd, ik heb een aantal leuke dubbelsterren op mijn lijst staan om te splijten. Met dank aan de Cambridge Double Star Atlas, waarin een mooie lijst staat van dubbelsterren die er uit springen, per sterrenbeeld. Hieruit kies ik die sterrenbeelden die in deze tijd van het jaar gunstig staan: Tweelingen, Grote Beer, Lynx en Leeuw. Dan bewaar ik de Jachthonden en de Maagd (en heur haar) voor de volgende keer.
De Dob staat al de hele middag buiten dus de afkoeling van de spiegel zit wel goed. De seeing is duidelijk minder goed dan afgelopen zondag; Sirius B lukt nog maar net met de 12.5 mm Fujiyama ortho. Dit oogstuk speelt deze avond een gedeelde hoofdrol met mijn kersverse aanwinst: een 6 mm Televue Radian. Van dit grotemensenspeelgoed heb ik vanavond inmiddels al veel plezier gehad.

We beginnen in Gemini; het kan nog net voordat de tweeling over de dakrand huppelt. δ Gem is een middelnauwe dubbelster waarvan de zwakkere begeleider een wat rossige tint lijkt te hebben.

Hogerop, in de kop van de Lynx, is een mooi triplet te vinden, 12 Lyn. Op zoek naar dit object verdwaal ik bij de Grote Beer, en terwijl ik me probeer te oriënteren kom ik een asterisme tegen in de zoeker dat ik herken van de starhop naar M81 en M82. Dat betekent dat ik in de buurt ben van M81 en M82 dus zet ik die meteen even in beeld. In een waterige M82 kan ik net de verheldering van de kern zien, verder helemaal niks. Daaruit blijkt dat de transparantie niet best is vanavond; dat vermoedde ik al vanwege de grote halo die ik ‘s middags om de zon had gezien.

Gelukkig trekken dubbelsterren zich daar niets van aan en even later vind ik toch mijn weg naar 12 Lyn. In widefield op 75x is het systeem als dubbel te zien maar de Radian op 300x splijt de heldere hoofdsterren, die maar 1.7 boogseconden uit elkaar staan. Aha, daar zitten dus de ogen van de Lynx.

Helemaal aan de andere kant, in de staart van de pluimoorkat vinden we 38 Lyn, een nauwe dubbel waarvan de zwakke begeleider een tikkie rossig is.

In de andere hemelkat vind ik Algieba, a.k.a. γ Leo. Deze dubbelster verrast me door zijn kleur. “Golden suns”, noemt de Double Star Atlas het, en dat is niets teveel gezegd. De kleur spat eruit, met dank aan de opening van de Harroscope en de loepzuivere Ortho.

Verderop in de Leeuw is ook een leuke dubbel te zien, 54 Leo. Hier weer een asymmetrisch stel waarvan de hoofdster wit is en de welp ietwat blauwachtig.

Tenslotte mik ik in de Grote Beer nog op de zeer nauwe Alula Australis, ofwel ξ UMa. Om deze te splijten werp ik de Radian weer in de strijd, die een mooi helder koppel laat zien van bijna even heldere, geelwitte sterren.

De transparantie lijkt er in de loop van de avond niet beter op geworden maar ik ben eigenwijs en mik de kijker nog even op bolhoop M3 in de Jachthonden. Ik word aangenaam verrast door het beeld in de 6 mm Radian: een ragfijn speldenkussen van zwakke sterretjes, dat naar het centrum toe steeds dichter wordt maar ook daar nog steeds opgeloste sterren laat zien, tegen een achtergrond van onopgelost sterrenstof. Daarmee is de seeing die kant op blijkbaar toch wel OK want ik zit dus wel 300x te vergroten. Zelfs met de Televue Barlow ertussen op 600x zijn de sterren nog niet helemaal ontploft en wordt de bolhoop meer dan beeldvullend, maar het ongebarlowde beeld vind ik mooier.

Met dat fraaie beeld besluit ik de avond. Zo is ook op een avond thuis in de stad, met suboptimale omstandigheden, een hoop moois te zien. En dan volgende keer weer lekker hardcore Arpharken en Hicksonhappen.